Eigen beheer, 2021

Nog maar anderhalve maand geleden besteedde Opduvel aandacht aan het album Transitorio Permanente van Luciano Bagnasco. Deze uit Argentinië afkomstige maar vanuit Spanje opererende gitarist toonde zich een inventief, vaak onrustig maar ook zelfverzekerde muzikant die zijn ideeën verpakte in vijf improvisaties die regelmatig lawaaiig uitpakten. Inmiddels heeft de gitarist alweer een nieuw album uitgebracht, nu als onderdeel van een duo dat verder bestaat uit elektronicamuzikant Gonzalo Navarro. Hij is afkomstig uit de Zuid-Spaanse stad Huelva, maar net als Bagnasco resideert hij tegenwoordig in Badajoz, een stad dichtbij de Portugese grens.

De titel van het duo-album is Cinco Improvisaciones (vijf improvisaties). Er staan echter maar vier stukken op het album, simpelweg a, b, c en d geheten. Het derde stuk bestaat echter uit twee improvisaties. Bagnasco is nu niet alleen op zichzelf aangewezen en moet rekening houden met de elektronische strapatsen van kompaan Navarro. Een hiërarchie is er niet, beide muzikanten zijn even inventief in de weer en er wordt afwisselend en soms ook heerlijk noisy gemusiceerd.

De muziek van het duo is elektrisch geladen, niet alleen omdat die van een elektrische gitaar en elektronica afkomstig is, maar ook omdat de elektrische lading hoorbaar is in de sound, die spanning herbergt. In de openingstrack opent het duo met scherpe gitaarklanken en prikkelende elektronische geluiden. Even verderop wordt het geluid van een drumkit ten gehore gebracht door Navarro, terwijl Bagnasco op zijn gitaar horten en stoten uitdeelt, met een ruwe klank. Een patroon van elektronische bliepjes wordt toegevoegd en de grens richting harsh noise komt in zicht. Die grens wordt echter niet overschreden, want in de improvisatie gaat het om het experiment, niet om het maken van zoveel mogelijk lawaai. En dus wordt de noise wat getemperd, ten faveure van onderzoekende klanken, waarbij soms het onderscheid tussen gitaar en elektronica wegvalt. De sound is echter wel transparant, zodat elk geluid, hoe klein ook, goed te onderscheiden is. Enig houvast van een vast patroon, motief of tempo is er niet; het zijn puur de klanken die op de luisteraar afkomen die het moeten doen. Daardoor ontstaat een wonderlijke muzikale wereld.

Het tweede stuk opent met zware klanken, waar schurende geluiden overheen gelegd worden. De geluiden zijn ongepolijst, klinken soms ongemakkelijk, maar op een of andere manier werkt de combinatie uitstekend. Na een weerbarstig begin worden langere klanken geproduceerd, waarmee het geluidsbeeld enigszins tot rust komt. De elektrische spanning blijft echter gehandhaafd, zodat van echte rust geen sprake is. Een aantal geluiden lijkt op stenen die tegen elkaar worden geslagen, terwijl met de gitaar een bijna doomy sfeer wordt gecreëerd. De dreiging is voelbaar.

In het derde stuk worden wat lagen over elkaar gelegd, die net niet mooi harmoniëren, waardoor ook hier een spanningsveld ontstaat. Die spanning kruipt onderhuids en wordt gevoed door hoge klanken van zowel de gitaar als de elektronica. Het is niet moeilijk om een spookverschijning voor het geestesoog te halen op basis van de ijle lange klanken. Die klanken worden lang aangehouden, ook als daaronder een duister patroon wordt gelegd met lage geluiden die de indruk geven van een traag voortstappende gedaante. Het eerste gedeelte eindigt halverwege het stuk, waarna de twee muzikanten direct een actievere fase aanvangen waarin de schurende, schavende en wringende geluiden op weerbarstige wijze worden gepresenteerd. Bagnasco waagt zich aan een noisy gitaarsolo, terwijl Navarro daar met percussief elektronisch spel tegenwicht aan biedt. Maar ook in het tweede deel van ‘c’ wordt overgeschakeld naar een rustig gedeelte, deze keer zonder een spookachtige sfeer. De klankkleur is zelfs gewoon mooi te noemen. Wel blijft een zekere dreiging aanwezig.

De laatste improvisatie begint met afgebroken, stuiterende en stotterende klanken, samen met een zachte maar priemende elektronische klank. Een noisy gedeelte volgt maar wordt snel weer afgebroken. Het fungeert als een waarschuwing: elk moment kunnen de muzikanten hard toeslaan. Het geeft de snelle klanken een extra lading. De experimentele aanpak heeft soms iets futuristisch. Het is een komen en gaan van geluiden en patronen, die op robuuste wijze worden gebracht, soms een begin van een melodie of ritme bevatten maar steeds aan de abstracte kant van de lijn blijven. Wel wordt de muziek gaandeweg iets toegankelijker, al kan dat ook de gewenning zijn die optreedt bij de luisteraar. De improvisatie is levendig, bevat verrassende klanken en zoveel details dat na vijf keer luisteren nog nieuwe ontdekkingen kunnen worden gedaan.

Cinco Improvisaciones is een levendig, prikkelend en intens improvisatiealbum, al kennen de improvisaties ook bedachtzame momenten, soms kort en soms langer. Het arsenaal aan klanken dat de muzikanten ter beschikking staat, is enorm, maar Navarro en Bagnasco blijven gefocust, gericht op het spel in het nu en op elkaar. Daardoor zijn de stukken op het album, hoewel ze vaak een vaste structuur ontberen, niet stuurloos. De muzikanten tonen zich scherp en fantasierijk op een plaat die verrast en soms overrompelt. Klasse.

Cinco Improvisaciones bandcamp