Castle Face, 2016

Een van de weinige zekerheden in het leven is dat elk jaar een nieuwe Thee Oh Sees-plaat verschijnt. Zelfs een eind 2013 door John Dwyer aangekondigde pauze leidde niet tot een opvallende leemte in de discografie van de band. Wel hebben in de periode de nodige wisselingen in de bezetting plaatsgevonden. Vorig jaar verscheen het ijzersterke Mutilator Defeated At Last en dit jaar wordt het feestje nog eens dunnetjes overgedaan met A Weird Exits.

De grote productiviteit leidt bij Dwyer en consorten niet tot een gebrek aan kwaliteit, want bijna alle Thee Oh Sees-albums zijn sterk, en hoewel de stijl van de Californiërs (psychedelische garagerock) beperkt is, worden de platen door uitstapjes naar andere (sub)genres niet inwisselbaar. Live trekt de band stevig van leer, zoals gisteren nog bleek op het Lowlands-festival, waar een zeer energieke, dampende set garagerock werd neergezet, maar op plaat is er ruimte voor meer variatie.

En zo dus ook op A Weird Exits, waarop met name in de twee laatste tracks gas wordt teruggenomen. Eerst is er het rustige, voorzichtig in driekwartsmaat wiegende ‘Crawl Out Into The Fall Out’, dat begint met fraai bekkenspel en wordt versierd met cello en synths. Een lome psychedelische trip. De plaat sluit af met het langzame, op orgelklankende gegrondveste en stevig in de jaren zestig gewortelde ‘The Axis’, dat aan het eind wordt ontregeld door een gestoorde, overstuurde gitaarsolo.

Natuurlijk zijn ook de vertrouwde psychedelische garagerocktracks volop aanwezig op A Weird Exits. De plaat begint bijzonder energiek met nerveus doordenderende ‘Dead Man’s Gun’. Zoals Thee Oh Sees live. Daarna doet het hard rockende ‘Ticklish Warrior’ er nog een schepje bovenop; menige stonerrockband zou een moord doen voor zo’n killerriff. Nog zo’n energieke rocker is ‘Plastic Plant’, maar nu meer sixties dan stoner. Het razendsnelle ‘Gelatinous Cube’ verraadt vervolgens de punkroots van de band.

Krautrock is terug te horen in  ‘Jammed Entrance’ en in iets mindere mate in ‘Unwrap The Fiend Pt. 2’. In eerstgenoemde, instrumentale track is het dubbele drumwerk van Dan Rincon en Ryan Moutinho gangmaker. Het eveneens instrumentale ‘Unwrap The Fiend Pt. 2’ wisselt ietwat dromerige passages af met een fraaie riff en helder gitaarspel.

Brachten Thee Oh Sees vorig jaar met Mutilator Defeated At Last al een van hun beste albums uit, The Weird Exits bevalt nog beter, met name omdat de songs, die Dwyer schijnbaar achteloos uit de mouw schudt, in het algemeen nog sterker zijn en het geheel beter op elkaar is afgestemd. De verschillende ingrediënten en afwisselende songs vormen een coherent geheel. A Weird Exits is het elfde album onder de naam Thee Oh Sees; het is nu al reikhalzend uitzien naar nummer twaalf in 2017.

Website Thee Oh Sees