Captured Tracks, 2016

 

Indierock die klinkt alsof de jaren negentig nooit voorbij zijn gegaan, dat is wat het jeugdige kwartet Mourn uit Catalonië te bieden heeft op ‘Ha, Ha, He.’ Het is de opvolger van het titelloze debuut van een kleine anderhalf jaar geleden en voor die plaat gaat de eerste regel van dit stuk ook op. Op ‘Ha, Ha, He.’ zet Mourn wel een stap voorwaarts ten opzichte van het debuut, al is het geen hele grote.

De leden van Mourn zijn te jong om de hoogtijdagen van de indierock in de eerste jaren van de nineties meegemaakt te hebben. Toch zijn het bands als Throwing Muses, Nirvana, Sleater Kinney, Chavez en Sunny Day Real Estate waarvan de namen komen opborrelen bij het beluisteren van deze plaat. Niet dat Mourn zo goed is als die bands, nog niet althans, maar de invloeden zijn wel verwerkt in nummers met genoeg eigen smoel om bestaansrecht te hebben.

‘Ha, Ha, He.’ is vrij mat geproduceerd en klinkt ook daardoor erg nineties. Het benadrukt het onderscheid tussen de nummers niet, maar het past wel goed bij de korte rocksongs van het viertal. De zang klinkt enigszins vlak en verveeld maar ook dat sluit prima aan op de muziek van Mourn. En met die muziek is weinig mis. De gitaren klinken lekker rauw, gruizig, hoekig, maar het zijn de prachtige baslijnen van Leia Rodríguez die de show stelen op dit album.

Op debuut ‘Mourn’ pasten tien nummers in twintig minuten; op de opvolger passen er twaalf in zevenentwintig minuten. Alle songs, afsluiter Fry Me uitgezonderd, klokken onder de drie minuten en soms zelfs onder de twee minuten. De songs zijn wat beter doordacht dan op de debuutplaat en Mourn klinkt daardoor volwassener, echter zonder dat iets van het jeugdige elan verloren gaat.

Mourn opent ‘Ha, Ha, He.’ verrassend met een instrumentaaltje, het heerlijk voortjagende Flee, dat meteen een van hoogtepunten van de plaat is. Op simpele uptempo rockers als Howard, President Bullshit en het jachtige Irrational Friend vindt de band een mooie balans tussen indierock, lo-fi en grunge. De korte lengte van de songs, die ongepolijst worden gebracht, werkt in het voordeel van Mourn. Gertrudis, Get Through This is in in dit verband het beste voorbeeld: uptempo, catchy, rauw en compact.

Daarnaast bevat het album ook wat meer doordachte songs, zoals afsluiter Fry Me, dat wordt verrijkt met een fraaie bassolo in het midden en met een lekker gruizige tempoversnelling eindigt. Storyteller is ook een nummer dat op meer dan één idee is gebaseerd en dat omslaat van ingehouden naar uitgelaten. Ook in het hoekige Evil Dead komt Mourn tot meer dan couplet-refrein. Er is wel iets dat op een refrein lijkt maar dat wordt maar één keer gespeeld, waardoor voorspelbaarheid wordt voorkomen.

Het wiel opnieuw uitvinden doet Mourn uiteraard niet, maar op ‘Ha, Ha, He.’ wordt de weinig originele muziek wel vol overtuiging gebracht. Een enkele minder track daargelaten (I Am A Chicken, Second Sage) staat de plaat vol lekker in het gehoor liggende en pretentieloze indierock die toch net dat beetje diepgang heeft om langer dan een paar draaibeurten mee te gaan. 

https://www.facebook.com/ohmourn/?fref=ts