Tivoli Vredenburg, Utrecht

Donderdag 11 februari 2016

 

Het is moeilijk wennen aan de sfeerloze kolos die Tivoli Vredenburg heet. Je krijgt er spontaan heimwee van naar het oude Tivoli aan de Oudegracht. De gang naar Pandora, een van de zalen in het (inmiddels al niet meer zo) nieuwe gebouw, voert je via een paar roltrappen en een vaste trap langs grote lege hallen die niet bepaald stemmingverhogend werken. In de zaal valt het gelukkig wel mee. En Tortoise komt, dan neemt toch ieder zinnig mens al die ongemakken op de koop toe?

Blondy Brownie
Al om 20:00 uur treedt het Belgische Blondy Brownie aan. Het op dit vroege tijdstip al aanwezig publiek wordt vergast op een korte set met onschuldige synthpopliedjes die op zich wel kwaliteit hebben maar ook niet onderscheidend genoeg zijn om lang te kunnen boeien. Wisseling van instrumenten brengt daarin geen verandering. De zangeressen Aurélie Muller en Catherine de Biasio zingen alles met dezelfde zoetgevooisde stemmen en dat slaat elke variatie in de muziek dood. Het beleefde publiek heeft er wel een applaus voor over.

Sam Prekop
De tweede opwarmer voor Tortoise overtuigt veel meer. Sam Prekop is het meest bekend als zanger/gitarist van The Sea And The Cake, maar vanavond staat van hem een dj-set aangekondigd. Dat houdt in dat Prekop een dik half uur lang met elektronica in de weer is. Aan de zijkant van het podium staat die elektronica voornamelijk verticaal opgesteld en Prekop zit daarachter, blikje Jupiler (waar hij overigens niet uit drinkt) bij de hand. Visueel valt er weinig te beleven: Prekop draait aan knopjes, plugt her en der een stekkertje in of uit en that’s it. 

Muzikaal heeft de experimentele set, bestaande uit één lang stuk, echter genoeg te bieden. Er is een lauwe beat die je ongemerkt doet meedeinen en de elektronische patronen verschuiven langzaam; nergens vindt een radicale wending plaats, alles gebeurt bedachtzaam en gedoseerd. Prekop oogt daarbij zowel relaxt als geconcentreerd. 

Tortoise
Het post-rockinstituut Tortoise laat vervolgens niet lang op zich wachten. De term post-rock doet de Amerikanen overigens ernstig tekort, want hun muziek bevat ook voorname kenmerken van krautrock, dub, elektronica, jazz, minimal music en indierock. Na jaren stilte heeft Tortoise met The Catastrophist’ een kersverse cd op zak en wordt een Europese tour ondernomen. De logischerwijs ouder ogende heren hebben er uiteindelijk veel zin in vanavond.

De goed gevulde zaal is van meet af aan enthousiast, maar het concert komt toch een beetje traag op gang. De inventieve muziek van Tortoise moet het hebben van puur muzikantenschap en niet van emotie. Risico is dan dat het geheel een beetje voortkabbelt. In het eerste kwartier van het optreden is dat aan de hand. De muzikanten doen geconcentreerd hun ding, wisselen na elk nummer van instrument en maken vooralsnog geen contact met het publiek. Drums en vibrafoons staan voor op het podium opgesteld, waardoor op het moment dat de vibrafoons niet gebruikt worden vier van de vijf bandleden achter op het podium staan opgesteld.

Maar het komt goed, wat vooral is te danken aan de ritmische kracht van de muziek, de evenwichtige setopbouw en de uitzinniger momenten die gaandeweg het concert in aantal toenemen. Zowel John McEntire, John Herndon als Dan Bitney spelen drums, soms alleen en soms met een van de andere twee. In het laatste geval maken de knappe en naadloos in elkaar passende drumpartijen veel indruk, vooral in het adembenemende Gigantes. De drums staan bovendien vrij hard in de mix, wat de kracht van de muziek ten goede komt. Daarnaast wordt op enkele momenten ontregelend te werk gegaan, wat steeds een welgemikte opdonder geeft aan de op zich steriele muziek.


In de set komen de eerste drie platen van Tortoise er bekaaid vanaf, maar ‘TNT’ wordt gelukkig niet vergeten. De aanvankelijk geconstateerde schijnbare plichtmatigheid maakt gedurende het optreden steeds meer plaats voor zichtbaar speelplezier. Er wordt zelfs een enkel woord tot het publiek gericht. De band komt ook niet voor één toegift terug, maar speelt direct twee nummers en vervolgens laten de heren zich nog een keer terugroepen en culmineert het concert in een machtig hoogtepunt, het van ‘Standards’ afkomstige Seneca, dat met luid gejuich wordt ontvangen en eindigt in handclaps van vier van de vijf bandleden. 

De kritiekpunten op het concert (aarzelend begin, enkele mindere tracks, zoals het niet goed uit de verf komende Yonder Blue), die gedurende het concert al steeds meer naar de achtergrond verdwijnen, worden met dit machtige slotakkoord in één zwaai als niet meer ter zake doend van tafel geveegd. Tortoise kwam, zag en overwon. Niets meer, niets minder.

http://www.trts.com/ 

http://www.thrilljockey.com/artists/sam-prekop

https://soundcloud.com/blondy-brownie