De Toonzaal, Den Bosch

Vrijdag 3 april 2015

Op 1 april jl. heb ik me lovend uitgelaten over de cd ‘Count Till Zen’ van het trio Reijseger-Fraanje-Sylla. Ik ben benieuwd hoe de heren hun muziek live ten gehore brengen. Het optreden in Den Bosch blijkt een regelrechte sensatie, want live komt de muziek nog beter tot zijn recht dan op plaat.

De Toonzaal is een mooie concertzaal met een goede akoestiek en vanavond is de zaal goed gevuld. Bovendien is De Toonzaal gezegend met een heuse Steinway-vleugel,  voor elke pianist een waar genot om op te spelen. Wel staat de vleugel zo opgesteld dat pianist Harmen Fraanje gedeeltelijk met zijn rug naar het publiek zit. Hij valt daardoor visueel niet zo op, maar dat maakt hij goed met zijn prachtige spel. Hij doseert zijn dynamiek perfect en hij maakt indruk als begeleider en als solist. De interactie met cellist Ernst Reijseger gaat met achteloos gemak, zo lijkt het.

Senegalees Mola Sylla is behalve zanger met een mooie en een zeer herkenbare stem ook een originele percussionist. Hij bedient zich van allerlei, veelal exotische, percussie-instrumenten en loopt ermee over het podium en zelfs achter het publiek langs. Ook als zanger is Sylla op dreef: hij zingt voluit of ingetogen, fluistert en schreeuwt. Dat laatste doet hij in de klankkast van de Steinway, gebruik makend van de resonantie van dat instrument, wat een mooi effect geeft.

De echte attractie is echter toch Ernst Reijseger. Wat een virtuoos is die man. Muzikant en cello zijn gewoon één organisme. Reijseger schuwt dissonanten niet maar kan ook lyrisch spelen. Met hetzelfde gemak als waarmee een verstilde lage noot wordt gespeeld, wordt een groove neergelegd. De snaren van de cello worden opzij geduwd of juist geaaid, het instrument wordt met de achterkant van de strijkstok bespeeld, er wordt getrommeld op de klankkast en regelmatig neemt Reijseger de cello op schoot om het instrument als een soort gitaar te bespelen. Wasknijpers en zelfs een haarklem worden op de snaren van de cello geplaatst. En dat alles niet als gimmick maar steeds met een muzikale bedoeling én resultaat. In Bakou, afkomstig van het laatste album, laat Reijseger zich ook als zanger niet onbetuigd. Zijn tenorstem blijkt goed te kleuren bij de wat rauwe stem van Mola Sylla.

Het trio bestaat dan wel uit muzikanten van verschillend pluimage, toch klinken Reijseger, Fraanje en Sylla als een eenheid. Ook hebben de heren zichtbaar plezier in het musiceren. Ze worden dan ook terecht beloond met een ovatie zoals ik die in De Toonzaal niet eerder heb gehoord. Het trio keert twee keer terug voor een toegift en zo komt een eind aan een nagenoeg perfect concert.

http://reijsegerfraanjesylla.com/

http://www.detoonzaal.nl/