Young God, 2016

‘Swans Are Dead’ heette de liveplaat uit 1998 waarmee het einde van Swans werd beklonken. Het bleek niet waar, want in 2010 waren Michael Gira en consorten terug met ‘My Father Will Guide Me Up A Rope In The Sky’. Hoewel een goede comeback, was het pas met ‘The Seer’ uit 2012 en ‘To Be Kind’ uit 2014 dat Swans opnieuw grote indruk maakte. De trilogie wordt nu voltooid met ‘The Glowing Man’, net zoals de twee voorgangers een dubbelaar met zo’n twee uur muziek.

De huidige bezetting van Swans houdt het volgens Michael Gira voor gezien na deze plaat. Misschien is dat maar goed, want ‘The Glowing Man’ biedt niets nieuws onder de zon in vergelijking met de vorige twee cd’s. Hooguit klinkt de band wat toegankelijker, als is ‘toegankelijk’ natuurlijk een relatief begrip als we het over de muziek van Swans hebben. Dat op de nieuwe plaat geen nieuwe bronnen worden aangeboord, zou tot de conclusie kunnen luiden dat het album onderdoet voor de voorgaande twee. Niets is echter minder waar, want dit ‘meer van hetzelfde’ is zo goed dat een opkomend gevoel van teleurstelling onmiddellijk wordt weggevaagd.

De kracht van de muziek van Swans zit allang niet meer in agressieve industrial en noise. Gebleven zijn de hypnotiserende repeterende patronen, maar die hoeven niet per se luid te zijn. Opener Cloud Of Forgetting is daar een goed voorbeeld van: bijna dertien minuten lang houdt de band je op het puntje van de stoel met een langzaam opbouwend stuk waarin het volume lange tijd in toom wordt gehouden. De uitbarsting na bijna tien minuten komt daardoor des te harder aan. Nog verslavender is het daaropvolgende Cloud Of Unknowing, vooral door een repeterend ritme in de eerste elf minuten van het stuk. Eerste elf minuten ja, van in totaal vijfentwintig.

Want net als op ‘The Seer’ en ‘To Be Kind’ is een aantal nummers op ‘The Glowing Man’ lang. Heel lang. Het titelstuk duurt zelfs bijna een half uur. Het stuk kent de meeste harde stukken en wordt gekenschetst door herhalende motieven, beukende noise, bezwerende zang, post-rock zelfs uptempo rock. Swans schuwt het grote gebaar én het persoonlijke niet. Van dat laatste is het pijnlijk persoonlijke When Will I Return, gezongen door Jennifer Gira, een wrang voorbeeld.

Hoogtepunten noemen is ondoenlijk, want ‘The Glowing Man’ is één grote luistertrip die je meevoert in de gecompliceerde wereld van Swans, die voert langs diepe dalen en grote hoogten. Over de plaats van elk nummer en elk gedeelte van een stuk is goed nagedacht, waardoor de plaat een logisch geheel vormt, zonder dat het te voorspelbaar wordt. Verrassend is de tekst van The World Looks Red/The World Looks Black, die door Sonic Youth is gebruikt in The World is Red, te vinden op ‘Confusion Is Sex’ uit 1983. Muzikaal tapt Swans uit een heel ander vaatje.

Frankie M opent de tweede cd op meeslepende wijze: een meditatief eerste gedeelte barst open in een intense eruptie die minutenlang aanhoudt. Vocalen komen er pas aan te pas als weer gas terug is genomen in een repeterend stuk, waarna aan het eind de spanning nogmaals wordt opgebouwd. Swans eindigt zijn trilogie bijna euforisch met Finally, Peace, dat vrij lichte kost is voor Swans-begrippen maar dat werkt als een bevrijding aan het eind van een overweldigende trilogie.  

Een album van Swans beluister je niet, een plaat van Swans onderga je. Wie zich mee laat laat sleuren wacht met ‘The Glowing Man’ een schitterende muzikale reis. Dat was met de vorige twee albums ook al zo, en deze doet er niet voor onder, al is de verrassing er vanaf. Michael Gira heeft aangegeven dat hij doorgaat met het uitbrengen met muziek onder de naam Swans, maar deze trilogie overtreffen is een welhaast onmogelijke opgave.

https://www.facebook.com/SwansOfficial/?fref=ts