Suburban, 2016

 

Toen na het tweede album ‘Hoera’ organist Paul Diersen Shaking Godspeed verliet en de overgebleven twee leden, gitarist Wout Kemkens en drummer Maarten Rischen, op zoek moesten naar vervanging, kozen zij niet voor een nieuwe organist maar voor een bassist (Alex van Damme) en een gitarist (Rocco Ostermann). Logischerwijs had dit gevolgen voor het geluid van de band, maar het pakte ontzettend goed uit, want derde plaat ‘Welcome Back Wolf’ was een ware triomf; een heerlijk eigenzinnige plaat met tegendraadse songs vol wendingen, absurde trekjes en bevlogen spel.

Kemkens en Ostermann zijn ook terug te vinden in Donnerwetter, waarvan vorige maand het tweede album ‘Pavlov Beauty Saloon‘ verscheen. Donnerwetter besteedde veel aandacht aan promotie voor dat album, maar dat heeft de beide gitaristen er niet van weerhouden om met Shaking Godspeed, dat toch even op een laag pitje leek te staan, ook een nieuwe plaat uit te brengen. En de Gelderse band verrast opnieuw, want ‘Rumspringa’ is een soundtrack.

Schrijversduo Iona Daniel en Rineke Roosenboom zochten de samenwerking met Shaking Godspeed en samen werkten zij onder de vlag van Orkater/De Nieuwkomers aan de muziektheatervoorstelling ‘Rumspringa’, die tijdens het Oerol Festival in première is gegaan. De voorstelling gaat – heel kort door de bocht – over het genootschap De Kring van Welsch, waarvan een jeugdig lid rond zijn achttiende de kans krijgt om alles te beleven wat de buitenwereld te bieden heeft. Het fenomeen is bekend van de Amish in de Verenigde Staten.

Behalve een soundtrack is ‘Rumspringa’ natuurlijk ook gewoon een nieuw Shaking Godspeed-album. De vraag is of de band zich veel heeft moeten aanpassen om zijn muziek in de voorstelling te laten passen. Beluistering van het nieuwe album leert in elk geval dat de band zijn eigenzinnigheid niet verloren heeft, want ook nu is sprake van een speelse en avontuurlijke plaat. ‘Rumspringa’ topt ‘Welcome Back Wolf’ zeker niet, maar er is meer dan genoeg moois te ontdekken.

Wat wel even wennen is, is dat niet in het Engels maar in het Nederlands wordt gezongen. Bij de eerste beluistering klinkt de Nederlandstalige en theatraal gebrachte zang van Kemkens zelfs ongemakkelijk. Na een paar draaibeurten treedt gewenning op, klinkt het Nederlands natuurlijker en stoort het niet meer. Ostermann klinkt in het door hem gezongen Mijn Gebalde Ogen direct overtuigend. Wat jammer is, is dat de teksten doorspekt zijn met Engelse en soms ook Duitse woorden en frasen. Wellicht dat het perfect past in de voorstelling, maar het maakt de zonder het theaterstuk te kennen aanvankelijk ook wat vervreemdend overkomende teksten niet beter. Wel dringen de teksten naarmate je vaker luistert meer en meer door in je hoofd en doet het verhaal met lacunes op deze plaat uitzien naar de voorstelling.

Het maken van een soundtrack kan de muzikale vrijheid beperken, maar daar lijkt bij Shaking Godspeed geen sprake van. De band deinst ook nu niet terug voor het nemen van muzikaal niet voor de hand liggende afslagen. Wel gaat wat van de rauwe energie verloren in meer ingetogen liedjes als Mijn Gebalde Ogen, De Muis en Gideon. De nummers passen wel goed in het geheel, dus er valt weinig te klagen. Toch zijn het vooral de Shaking Godspeed sinds de vorige plaat kenmerkende gitaarsongs-met-een-twist die van ‘Rumspringa’ een geslaagd album maken. Vooral Beter Een Niemandsland, Wir Sind Heim en Rumspringa bevatten alle elementen die de muziek van de band zo aantrekkelijk maken; het zijn springerige en onrustige nummers met inventief en dwars gitaarspel en begeesterde en afwisselende vocalen.

Duidelijk is dat Shaking Godspeed zich niet in een keurslijf laat persen, ook niet als de muziek moet passen in een theatervoorstelling. Gelukkig maar, want de band heeft een lekker eigenwijze sound die maar beter gekoesterd kan worden. ‘Rumspringa’ is niet de beste plaat van het viertal, maar een beste plaat is het wel. 

http://www.shakinggodspeed.com/