Earache, 2016

 

Jaren zeventig retrorockers zijn er in overvloed, maar weinigen zijn zo goed als het Amerikaanse Rival Sons. ‘Hollow Bones’ is de vijfde plaat van het kwartet uit Long Beach, Californië, en net als de vier voorgangers is ook dit een goed album. Toch stemt het geheel niet helemaal tot tevredenheid, want de voorganger is een stuk beter. Nu is ‘Great Western Valkyrie’ ook wel een uitzonderlijk goede plaat, dus die plaat overtreffen is een bijna onmogelijke opgave.  

Zoiets doe je in elk geval niet door nogmaals eenzelfde soort album te maken en dat is wat Rival Sons met ‘Hollow Bones’ wél doet. En als dan bijna alle composities onderdoen voor hun equivalenten op de vorige plaat, dan rest een gevoel van teleurstelling. Daarmee is niet gezegd dat ‘Hollow Bones’ een slechte plaat is. Het album is beter dan ‘Before The Fire’, ‘Pressure & Time’ en ‘Head Down’ en dat zijn toch behoorlijk goede rockalbums.

Neem de eerste drie nummers op de nieuwe plaat, Hollow Bones Pt. 1, Tied Up en Thundering Voices: een knallende opener, een minder stevig, bijna hitgevoelige tweede track en een zeer energieke derde song. Het klinkt allemaal lekker, het wordt vol overtuiging uitgevoerd en menige band zou er een moord voor doen om een van die nummers op zijn palmares te hebben staan, maar Electric Man, Good Luck en Secret van ‘Great Western Valkyrie’ zijn simpelweg nog betere songs.

Niet alleen de eerste drie nummers maken dat onwillekeurig de vergelijking met de vorige plaat wordt gemaakt, de opbouw van ‘Hollow Bones’ is ook bijna een kopie van de voorganger. Dat betekent veel redelijk korte en energieke tracks in het eerste gedeelte van de plaat, gevolgd door wat meer melancholieke en uitgesponnen songs in het tweede deel. Een afwijkende parel als Destinaton On Course is niet te vinden op ‘Hollow Bones’, maar in het lange Hollow Bones Pt. 2 wordt wel alles uit de kast getrokken en schittert de band, wereldzanger Jay Buchanan voorop.

Dat de bluesy hardrock van het Californische viertal schatplichtig is aan Led Zeppelin zal iedere rockliefhebber onmiddellijk horen. Maar er zijn meer invloeden. Black Coffee is oorspronkelijk van Ike & Tina Turner, maar Rival Sons baseert zijn versie op die van Humble Pie en benadert met zijn versie de sound van The Black Crowes. Buchanan heeft kennelijk ook een voorliefde voor Jeff Buckley, zoals eerder al bleek op het op ‘Head Down’ te vinden True. Zo dicht bij het geluid van Buckley komt Buchanan nu niet, maar het afsluitende All That I Want gaat wel weer die kant op.

De originaliteitsprijs zal Rival Sons nooit winnen, maar hun lekker in het gehoor liggende rock is kwalitatief hoogstaand. Dat is ook zo op ‘Hollow Bones’, maar stiekem was op meer gehoopt. Op wat meer lef en experimenteerdrift bijvoorbeeld. Nu moet de neiging worden weerstaan om het woord ‘degelijk’ te plakken op deze plaat, maar dat woord heeft in deze context een te negatieve bijklank. ‘Hollow Bones’ is gewoon een goede plaat, alleen was de vorige beter.

http://www.rivalsons.com/