Vernacular, 2016

 

Het mag eigenlijk geen verbazing wekken dat gitarist David Birchall en saxofonist Colin Webster een duo-album uitbrengen. De muzikanten mogen dan verschillende instrumenten bespelen, hun muzikale aanpak is te vergelijken. Beiden gaan niet voor de gemakkelijke weg, doen niet aan het ‘pleasen’ van de luisteraar, maar zoeken hun eigenwijze weg in een weerbarstig muzikaal landschap. En daarbij vinden zij elkaar, zo blijkt op ‘Gravity Lacks’, dat op cd wordt uitgebracht op Birchalls Vernacular Recordings.

Vorig jaar waren Webster en Birchall al samen te horen op het door Websters Raw Tonk label op cassette uitgebrachte ‘Night Streets Of Madness’, samen met drummer Andrew Cheetham en bassist Otto Willberg. Een sterk album bestaande uit drie lange tracks met veel aftastend spel gecombineerd met een enkele goed geplaatste kakofonie. Op ‘Gravity Lacks’ is bij gebrek aan drums en bas de muzikale vrijheid voor het duo nog veel groter en van die vrijheid wordt gretig gebruik gemaakt.

De cd opent met een solo van Colin Webster, die op dit album tenorsax speelt. Voor wie bekend is met zijn werk, moet de onorthodoxe speelstijl van de Brit geen verrassing zijn, en toch weet Webster altijd weer te verrassen. Zo ook hier, met een solo waarin alles uit de kast wordt getrokken qua speltechnieken en vervreemdende saxklanken. Geen lieflijkheid, geen warmte, geen vloeiende melodielijnen, maar veel scherpe, snerpende en gemene klanken. Maar niet alleen dat. Zo opent de solo met het blazen van lucht en het gebruik van de kleppen, dat overgaat in een saxgeluid dat klinkt alsof een zwerm insecten rond je hoofd vliegt. Webster is op zoek naar nieuwe geluiden en vindt die bijna onophoudelijk. De ene keer klinkt zijn instrument hard en metalig, de andere keer zacht, maar nooit rustig. Want rust krijg je als luisteraar niet van Webster. Zijn solo blijft aandacht vragen en dat is precies wat Websters spel zo bekoorlijk maakt.

Vervolgens is het de beurt aan Birchall voor zijn lange solo op elektrische gitaar. De man uit Manchester weet tegelijkertijd verschillende en bijzondere gitaarklanken te produceren, zonder echte akkoorden en zonder enig effectbejag. Het valt niet mee al die klanken direct te vatten, maar het speelse experiment imponeert van meet af aan. Evenals Websters solo is ook die van Birchall een onorthodoxe, fragmentarische en onrustige. Na dik tien minuten wordt het spel robuuster en noisier, maar er wordt niet gestaag naar een te verwachten climax toegewerkt. Er is geen rechte weg, maar er is ook geen sprake van chaos. Achter elke gespeelde noot schuilt een idee, althans zo lijkt het. Na veertien minuten treedt een verstilde fase in en maken de korte plaagstoten van noten even plaats voor een paar lange tonen. Het is een kortdurende rust, want al gauw treedt met hoge tonen de nervositeit weer in. Een prachtige, vindingrijke solo.

De laatste twee stukken op ‘Gravity Lacks’ zijn duo-stukken. Het koortsachtige spel dat ook de solo’s kenmerkt, wordt vrolijk voortgezet in Duo 1. Beide spelers geven gas aan het begin en de klanken van sax en gitaar grijpen als vanzelf in elkaar, waarbij ieder toch zijn eigen ruimte creëert en neemt. In het oog springend is het percussieve spel van Birchall, maar vooral het kabaal dat al snel wordt geproduceerd maakt indruk. Alsof de solo’s een opmaat waren voor de gezamenlijke aanval van het Engelse tweetal. Het duurt natuurlijk weer niet lang, want beide muzikanten zijn veel te grillig van aard om lang in hetzelfde stramien te blijven spelen, maar gedurende het stuk wordt meermaals hard en vinnig uitgehaald. Het stuk klinkt een stuk minder fragmentarisch dan de solo’s en de overgangen tussen de harde en rustiger gedeelten zijn minder abrupt. Vooral de manier waarop de muzikanten schijnbaar achteloos op elkaar inspelen maakt van Duo 1 een bewogen en opwindende luisterervaring.

Duo 2 is maar half zo lang als Duo 1 en in dit stuk wordt wat bedachtzamer gemusiceerd. Zeker het begin is onderzoekend, alsof Birchall en Webster als zijnde elkaars prooi naar elkaar loeren, om elkaar heen draaien en vervolgens voorzichtig maar met vijandigheid toenadering zoeken. Uiteindelijk vindt het gevecht plaats dat eindigt zonder winnaar. Of liever: met twee winnaars.

De titel ‘Gravity Lacks’ kon niet beter gekozen zijn voor dit album, waarin je als luisteraar geen houvast krijgt aangereikt van de muzikanten, er geen bodem is om op te staan. Wat er wel is, is experimentele muzikaliteit van uitzonderlijke klasse. De onrust regeert op deze plaat, maar het is een avontuurlijke en fascinerende onrust, gecreëerd door twee excellente exponenten van de Britse vrije improscene.

https://davidmbirchall.com/ 

http://colin-webster.blogspot.nl/ 

https://colinwebster.bandcamp.com/album/gravity-lacks