Slovenly Recordings, 2016

 

Goede albums hoeven niet lang te zijn. Er zijn genoeg klassiekers te bedenken die slechts een half uur in beslag nemen. Wanneer noem je een plaat een album en wanneer een EP? Ach, wat maakt het uit, zolang het muzikaal gebodene je geld maar waard is. Het Californische garagetrio Scraper brengt op zijn tweede plaat elf nummers in drieëntwintig minuten. Die lengte is precies goed.

Ingewikkeld doen ze niet, deze heren uit Californië. Het is garage(punk)rock dat de klok slaat, al klinken her en der post-punkinvloeden door, zoals in de vocalen van zanger/gitarist Billy Schmidt, die zonder opsmuk, enigszins onderkoeld klinken, waarna de naam van Wire snel gevonden is. In het eerste nummer, tevens titeltrack, doet de band wat aan The Eighties Matchbox B-Line Disaster denken, maar verder heeft de muziek van Scraper niet veel met die band uit te staan. Flarden Ramones en New Bomb Turks klinken wel door, maar zo goed als die bands is dit drietal niet.

Toch levert de band met ‘Misery’ een behoorlijke garageplaat af. Het album is geproduceerd door Chris Woodhouse (Thee Oh Sees, Ty Segall, Blind Shake) en die zorgt voor een niet te cleane, maar ook niet echt smerige sound. Pathetiek is de band volkomen vreemd; van het grote gebaar moet Scraper het niet hebben, meer van pretentieloze degelijkheid. Je zou kunnen denken dat het allemaal wat anoniem is wat deze band doet, iets wereldschokkends gebeurt ook niet op deze plaat en de nummers lijken op elkaar, maar de songs zijn allemaal dik in orde en er zit geen enkele misser tussen.  

Een paar positieve uitschieters kent ‘Misery’ wel. Rats In The House bijvoorbeeld, is catchy en heeft een makkelijk meezingbaar refrein, zonder dat meteen sprake is van poppunk. De gitaar in Blue Velvet trekt stevig van leer en het nummer doet wat denken aan The Revelators (wie kent ze nog?). Het meest trashy is Trashcan 5 (hoe kan het anders met zo’n titel) en het afsluitende Nine Minutes In Hell, dat met vier minuten veruit het langste nummer is op de plaat, komt muzikaal het dichtst in de buurt van de post-punk van Wire. 

Boosheid en negativiteit zijn de onderwerpen van de weinig subtiele teksten. Shockeren doet Scraper echter nergens en door de droge voordracht van Schmidt klinkt het ook nergens echt giftig, al komt hij in Blue Velvet wel dicht in de buurt.

‘Misery’ staat vol met oerdegelijke garagepunkrocksongs die ruig genoeg zijn om te kunnen boeien, maar waar ook niemand zich echt een buil aan zal vallen. Over het algemeen mag het allemaal net een tikkeltje trashier, maar desondanks valt er genoeg te genieten om de aandacht vast te houden, in ieder geval gedurende de drieëntwintig minuten die de plaat lang is. ‘Misery’ is een heel aardig plaatje, niet meer dan dat. Stiekem staat-ie toch vaak op.

http://slovenly.com/artist/scraper/