ReR Records, 2015

‘Vertigo’ is het achttiende album van het Australische minimal jazztrio The Necks, bestaande uit pianist/organist Chris Abrahams, bassist Lloyd Swanton en drummer Tony Buck. Zoals op bijna alle andere platen van het drietal, bestaat ‘Vertigo’ uit één langgerekt stuk dat de titel van het album draagt. Met een kleine vierenveertig minuten houden The Necks de lengte voor hun doen nog redelijk beperkt.

“We end up in a very different place from whatever our initial notion” zegt bassist Lloyd Swanton over de muziek van The Necks. Daar is alles bij voor te stellen: de muzikanten beginnen aan een stuk met een klein vooropgezet plan en gaandeweg (en langzaam) ontwikkelt het stuk zich spontaan tot iets anders. De drie muzikanten voelen elkaar  zo perfect aan dat elke draai die door een van hun aan de muziek wordt gegeven moeiteloos door de anderen wordt gevolgd en mede wordt uitgebouwd.

Beluistering van de platen van The Necks vergt enig geduld van de luisteraar. Herhaling lijkt het credo, muzikale vondsten ontwikkelen zich langzaam en veranderingen treden vaak bijna ongemerkt op. Ben je eenmaal bevangen door de muziek van de Australiërs, dan ontwaart zich de schoonheid van de een rustige roes opwekkende minimale klanken. ‘Vertigo’ vormt op deze regel geen uitzondering.

Toch volgen niet alle albums van The Necks hetzelfde stramien. Er zijn er die wat meer drang naar voren hebben, meer ‘drive’ hebben, zoals (logischerwijs) ‘Drive By’ uit 2003 en ‘Townsville’ uit 2007. Daar staan dan weer ‘Aether’ uit 2001 en de voorlaatste plaat ‘Open’ uit 2013 tegenover, waarin de nadruk juist ligt op ambient. ‘Vertigo’ ligt een beetje tussen deze twee uitersten in. Daardoor klinkt de plaat vertrouwd: alle Necks-ingrediënten zijn aanwezig.

Toch is er een belangrijk verschil. Waar vrijwel alle platen van The Necks zich langzaam ontvouwen, is op ‘Vertigo’ eerder sprake van een mindset die voortdurend aan verandering onderhevig is. De bij aanvang ingezette orgel-drone wordt al snel vergezeld van ontregelend slagwerk en dat gebeurt gedurende de daaropvolgende kleine drie kwartier vaker. De drone verdwijnt na verloop van tijd geheel. Tony Buck gooit allerlei percussie-voorwerpen in de strijd, waaronder een duidelijk te herkennen gitaar. De contrabas van Lloyd Swanton gromt op de achtergrond, als een monster dat zich noodgedwongen koest houdt maar al te graag wil aanvallen (het gebeurt niet), en dat zorgt ervoor dat ‘Vertigo’ een wat donkere sfeer krijgt. 

Na een dikke twintig minuten zijn drums, percussie en bas ineens verdwenen en blijft Chris Abrahams alleen over met aan de piano ontsproten spannende ambientklanken, voordat Buck en Swanton zich drie minuten later weer melden. Gaandeweg worden de piano- en orgelklanken weer ontregeld door bas en percussie, maar ditmaal begeleid door regelmatige bekkenslagen. Na minuut tweeëndertig is zelfs enige gitaarnoise en -feedback te ontwaren.

En zo is ‘Vertigo’ in het oeuvre van The Necks toch een klein buitenbeentje; de plaat toont het minimale trio in zijn meest maximale vorm. Tot nu toe althans. Het knappe is dat dit het geval is zonder dat aan het roes opwekkende karakter van de muziek afbreuk wordt gedaan. ‘Vertigo’ is daarmee de volgende indrukwekkende plaat in de vrijwel louter muzikale hoogtepunten tellende discografie van het drietal.

http://www.thenecks.com/