Ván Records, 2016

 

Doom metal op zijn best is traag, loodzwaar, bezwerend, meeslepend. In de handen van mindere goden wordt het resultaat prompt strontvervelend, slaapverwekkend en duf. Het is niet velen gegeven een sound neer te zetten die zo overdonderend goed is in al zijn logheid, dat het songschrijverschap zelfs van ondergeschikt belang is. Het Tilburgse Ggu:ll bezit die uitzonderlijke klasse en weet en passant ook nog zes memorabele doom metal-stukken te produceren.

‘Dwaling’ is niet het eerste wapenfeit van Ggu:ll. Het in 2009 opgerichte viertal leverde eerder twee ep’s af, ‘Man Dies When He Wants’ (2010) en ‘waan:hoon’ (2014). Van de laatste ep zijn Hoon en Waan allebei op dit album terug te vinden. ‘Hypnotic droning doom’ noemen de Tilburgers hun muziek en daar is geen woord van gelogen, want ‘Dwaling’ is een trip. Een trip richting duisternis en verdoemenis. 

Vanaf opener Hoon wordt je langzaam maar zéér dwingend meegezogen de diepte in en daar is geen ontkomen aan. Loslaten doet Ggu:ll namelijk niet, geen seconde. De rauwe emotie spat van het album af en de sfeer is zo donker en droefgeestig dat je er depressief van zou kunnen worden. De doom van Ggu:ll werkt echter louterend, want zelden klonk zwaarmoedigheid zo goed. 

Overbodige versieringen kent de muziek van Ggu:ll niet: elke noot heeft een functie en minimalisme prevaleert boven opsmuk. Werkelijk elke trage doomriff is basic, raak en geladen met emotie. De bas verspilt ook geen noten en versterkt de zwaarte van de muziek. De klappen op de drums klinken vol en komen aan als mokerslagen. ‘Dwaling’ is ook nog eens moddervet geproduceerd, zonder dat het geluid een brij wordt. 

Alle zes stukken op de lp zijn hetzelfde soort logge gevaartes, maar de voor  het hypnotiserende effect broodnodige monotonie is niet zo ver doorgevoerd dat de tracks inwisselbaar zijn. Elk stuk heeft zijn eigen bijzonderheden. De echo op de gitaar in het intro van Dwaling (Gehirn Und Abrund) bijvoorbeeld en de fantastische opbouw van het stuk, die leidt tot een zware finale die vrij abrupt eindigt. Of de zeer trage riffs die zorgen dat Waan je zes minuten lang in de greep houdt.

Farida Lemouchi, zangeres van The Devil’s Blood, is gastvocaliste op Het Smerige Kleed Van De Ziel. De melancholieke zangpartij is haar op het lijf geschreven en combineert wonderwel met de grunt en schreeuwvocalen van William van der Voort. De heftigheid neemt aan het einde van het stuk alleen maar toe en Lemouchi overtuigt als neerslachtige zangeres naarmate Het Smerige Kleed Van De Ziel vordert steeds meer.

Op Het Masker Van De Wereldt Afgetrocken biedt een gruizige noisegitaar tegenwicht aan de simpele melodielijn van de leadgitaar. En mocht je denken dat het niet nog droefgeestiger kan, dan is dat gerekend buiten afsluiter March 28, 1941, Drowning dat er nog een schepje somberheid bovenop doet. Een brok in de keel blijft over, maar ook de onbedwingbare drang om de plaat nog een keer op te zetten.  

Ggu:ll levert met zijn debuutalbum een doom metal-plaat af van grote schoonheid en tijdloze kwaliteit. Waarschijnlijk draait ‘Dwaling’ over een flink aantal jaren nog regelmatig rondjes op de platenspeler. Er valt helemaal niets aan te merken op deze dubbel-lp; zelfs het artwork is van bijzonder fraai, evenals het smokey green vinyl (maar die versie is in beperkte oplage en al uitverkocht).

http://www.ggull.com/ 

https://ggull.bandcamp.com/album/dwaling