Brainfeeder, 2015

Bescheiden kun je het debuut onder eigen naam van saxofonist Kamasi Washington niet noemen. Het is een 172 minuten durend werkstuk, verdeeld over drie schijfjes. ‘The Epic’ wordt op veel plaatsen de hemel in geprezen en Washington wordt her en der gezien als de grote vernieuwer voor de jazz. Is de hype terecht? Ja en nee.

Washington was tot nu toe geen grote naam in de jazzwereld, maar hij heeft wel al gewerkt met Herbie Hancock, Nas, Snoop Dogg en Kendrick Lamar. Op ‘The Epic’ wordt alles uit de kast getrokken; naast een 10-koppige band bestaande uit muzikanten die vaak al sinds hun jeugd samenspelen, zijn op het album ook een voltallig strijkorkest en koor te horen.  Washington heeft veertien van de zeventien composities die ‘The Epic’ telt gecomponeerd, gearrangeerd en geproduceerd. Het resultaat is indrukwekkend. Namen als John Coltrane, Archie Shepp en Miles Davis, en termen als hardbop, smooth jazz, free jazz en funk komen tevoorschijn als invloeden in de verschillende composities.

Waar aanvankelijk enige scepsis heerste over met name het inzetten van strijkers en koor (wat in jazzcontext zeker niet altijd tot een bevredigend resultaat leidt), moet worden geconcludeerd dat het op deze plaat uiterst smaakvol wordt gedaan. De vrees voor een te glad sausje over de op zich aanstekelijke jazz, blijkt ongegrond. Luister vooral naar The Magnificent 7, een van de hoogtepunten van ‘The Epic’, waarin strijkers en koor knap bijdragen aan de opwindende sound. Ook opener Change Of The Guard kent fraaie bijdragen van zowel koor als orkest. Washington is een uitmuntend solist en zijn saxspel doet denken aan John Coltrane, al is dat niet het rauwe spel van Coltrane op zijn latere platen, zoals ‘Ascension’ ‘Om’ en ‘Interstellar Space’. Washington gaat wat stijlvaster en meer sophisticated te werk. Knap is hoe bijna elke solo boeit en dat geldt ook voor de grote meerderheid van de solo’s van de overige solisten op ‘The Epic’. 

Tot zover is de hype die rondom Kasami Washington is gecreëerd terecht te noemen, want ‘The Epic’ is wat betreft kwaliteit en veelzijdigheid een indrukwekkende plaat. Toch is het resultaat niet smetteloos. Met een wat kritischer blik zijn tussen de nummers wat minpunten te ontdekken. Zo zou het album kunnen zonder een aantal vocale tracks, zoals Henrietta Our Hero, Cherokee en Malcolm’s Theme. Deze stukken zijn stuk voor stuk knap gezongen en gespeeld, maar ze klinken ook wat te ‘smooth’ tussen de meer uitbundige instrumentale stukken. Ook het opnemen van Claude Debussy’s Clair de Lune is twijfelachtig te noemen,omdat er simpelweg mooiere (klassieke) uitvoeringen van dit werk bestaan. Drie van de vier hiervoor genoemde stukken zijn te vinden op het derde schijfje en de vraag is gerechtvaardigd of ‘The Epic’ als dubbel-cd, met weglating van enkele overbodige tracks, niet nog sterker zou zijn geweest, al zou inkorting van het geheel wellicht afbreuk hebben gedaan aan het epische karakter van het album.

In al zijn veelzijdigheid als componist, arrangeur en solist, is Washington niet de vernieuwer waarvoor hij soms wordt gehouden. In feite voegt hij niets nieuws toe aan het grote jazzcanon. Hij strooit weliswaar niet met citaten maar de invloeden uit verschillende jazzgenres zijn duidelijk aanwezig. Washington weet wel uit verschillende elementen uit de jazzgeschiedenis een imponerend geheel te smeden, en dat is al een prestatie op zich. Alle aandacht voor ‘The Epic’ is meer dan terecht, maar Kamasi Washington een grote  jazzvernieuwer noemen gaat toch wat te ver.

http://www.kamasiwashington.com/