Neurot Recordings, 2015

Evenals zijn Neurosis-collega Scott Kelly tapt gitarist en zanger Steve Von Till solo uit een heel ander, veel ingetogener vaatje. Met ‘A Life Unto Itself’ is hij inmiddels aan zijn vierde solo-album toe, als de platen die hij onder de noemer Harvestman heeft gemaakt niet worden meegeteld. Waar Neurosis het van het grote gebaar moet hebben, houdt Von Till het op ‘A Lifte Unto Itself’ klein met op folk en country noir gebaseerde songs.

Het geluid op dit album wordt bepaald door gitaar, synths, pedal steel, altviool en spaarzame percussie. Het zorgt voor een sfeervol en donker klinkend geheel, wat wordt versterkt door Von Tills warme maar donkere stemgeluid dat meermaals doet denken aan Mark Lanegan. De zinnen die Von Till produceert zijn kort en worden traag geserveerd, wat goed past bij de muziek. Tussen de zeven nummers die de plaat telt is geen enkele mindere track te vinden. 

Hoe mooi  ‘A Life Unto Itself’ ook is, een kleine kanttekening is toch op zijn plaats. De sfeer die wordt gecreëerd is wonderschoon, maar het is wel steeds dezelfde sfeer, ruim drie kwartier lang. De songs zijn allemaal vrij lang (tussen vijf en acht minuten) en ze trekken in nagenoeg hetzelfde trage tempo voorbij, waardoor saaiheid op de loer ligt. Dat is zonde, want in het tweede gedeelte van de plaat is ook veel moois te vinden. Na verloop van tijd gaan de songs wel steeds meer op zichzelf staan, zodat de vijand genaamd verveling toch ternauwernood buiten de poort wordt gehouden.

Juist de tracks waarin Von Till weliswaar gering maar toch enigszins weet af te wijken van de dit album bepalende koers, leveren de meest memorabele momenten op. Zo is het refrein van de titeltrack zeer fraai doordat even zwaarder wordt aangezet, met een opvallende rol voor de pedal steel van Jay Kardong. Ook Birch Bark Box wordt gekenmerkt door het contrast tussen couplet en refrein en er is zowaar een scheurende elektrische gitaar in te horen. Zijn de songs in meerderheid gitaargestuurd, Night Of The Moon is juist synthgedreven en ook spannend door de ingezette elektronica. In afsluiter Known But Not Named is de percussie juist opvallend aanwezig.

Voornaamste pluspunten van ‘A Life Unto Itself’ zijn het aparte instrumentarium en de smaakvolle arrangementen, waardoor net genoeg onderscheid wordt aangebracht in de vrij eenvormige muziek om te kunnen spreken van een geslaagd album. Hoewel merendeels ingetogen, wordt de donkere folk met volle overtuiging gebracht. Uiteindelijk slaat de balans naar de positieve kant door omdat de plaat mooier wordt naarmate deze vaker wordt beluisterd, al is consumptie in kleine porties in het begin aan te raden.

http://www.vontill.org/